Toelichting: dit artikel is reeds gepubliceerd in Van 12 tot 18, het vakblad voor voortgezet onderwijs (Nr. 9 – 2014). Het pdf-bestand van het gepubliceerde artikel kunt u hier downloaden.


Teacherpreneurs: ondernemende docenten die lesgeven en zich daarnaast inzetten voor goed onderwijs. Hoe? Dat loopt nogal uiteen. Waar de ene docent een gat in het onderwijs dicht door een digitale tool te ontwikkelen, houdt de ander zich bezig met de ontwikkeling van een nieuw curriculum of het coachen en verbinden van collega-docenten. Eén ding hebben ze hoe dan ook met elkaar gemeen: lesgeven is en blijft hun corebusiness.

Docenten zijn de spil van goed onderwijs. Als geen ander weten zij waar leerlingen, collega’s en het onderwijs in het algemeen behoefte aan hebben. Waar de kansen liggen om het onderwijs beter te maken. Op dat vlak hebben teacherpreneurs – letterlijk vertaald ‘ondernemende docenten’ – een streepje voor op onderwijsprofessionals van buitenaf. Pleitbezorgers van het teacherpreneurschap zijn dan ook van mening dat docenten – zowel binnen als buiten het klaslokaal – een voortrekkersrol kunnen vervullen, juist omdat ze voor de klas blijven staan. In tegenstelling tot de vele top-down onderzoeken en hervormingen die het Nederlandse onderwijs rijk is, dragen teacherpreneurs een creatieve en innovatieve bottom-up aanpak uit. Een aanpak waarbij de kennis, die voortvloeit uit de relatie tussen docent en leerling, centraal staat. Hun primaire motivatie zit in het verbeteren van het onderwijs, niet in het genereren van extra inkomsten. Uiteindelijk draait het teacherpreneurschap dan ook om het cultiveren van een innovatieve onderwijscultuur.

Kennis bij docenten zelf
Die feeling met leerlingen en lesgeven – wat werkt wel en wat werkt niet – is volgens teacherpreneur en biologiedocent Eugenie Zwanenburg (Veurs Lyceum) essentieel om het onderwijs structureel te verbeteren. Naast haar baan als docent ontwikkelde Zwanenburg het afgelopen schooljaar een science-curriculum voor het op haar school nieuwe vak Talentstromen: een vak voor de onderbouw dat gericht is op de ontwikkeling van 21st Century Skills. Daarbij staan onder andere sociale aspecten, zoals goed leren samenwerken, centraal. “Wij vinden het belangrijk dat een leerling met iedereen kan samenwerken. Daarom hebben we er bewust voor gekozen om leerlingen van alle niveaus, dus van mavo tot gymnasium, bij elkaar te zetten. Een goed idee, maar als je voor de klas staat dan weet je dat zoiets makkelijker gezegd is dan gedaan. Het is hard werken om daar een functionerend geheel van te maken. De kennis om zulke dingen goed te kunnen doen, zit echt bij docenten zelf”, aldus Zwanenburg.

Minder voor de klas
In het onderwijs is tijd in veel gevallen een beperkende factor. Zo ook voor teacherpreneurs, die naast hun eigen lespraktijk op eigen initiatief een ondernemende rol in het onderwijs vervullen. Om dat te kunnen doen, gaan veel teacherpreneurs minder voor de klas staan. Al blijft het ondernemerschap voor de meeste docenten ondergeschikt aan het lesgeven. Zo ook voor Ragna Woodall, die naast haar baan als geschiedenis- en maatschappijleerdocent (Wateringse Veld College) actief is in het bestuur van Leraren met Lef. “Voor alles ben en blijf ik docent. Ik sta vier dagen per week voor de klas. Dat is mijn beroep. Maar wel heel bewust vier dagen, zodat ik één dag per week kan investeren in Leraren met Lef. Ik zie het een beetje als vrijwilligerswerk ten behoeve van mijn professionele én persoonlijke ontwikkeling”, aldus Woodall.

Punt van zorg
Toch is de intensieve werkdruk een punt van zorg. Zo kunnen niet alle docenten het zich veroorloven om naast hun baan te ondernemen. Ook is het een uitdaging om het docent- en ondernemerschap in balans te houden. De paradox van de ondernemende docent. Zwanenburg: “Het is zwaar om je klassen goed te draaien als je daarnaast zo aan het ontwikkelen bent. Ik verkeer in de positie dat ik ervoor kan kiezen mijn baan niet te groot te maken. Dat gaat lang niet voor iedereen op.” Volgens Zwanenburg willen docenten graag meewerken, maar beschikken ze simpelweg niet over de tijd en de middelen om dat te doen. “Terecht stellen ze de vraag ‘Hoeveel uur krijg ik ervoor?’. Als het antwoord op die vraag ‘Nou, eigenlijk geen’ is, dan ben je gauw uitgepraat.” Zwanenburg is ervan overtuigd dat er meer teacherpreneurs opstaan als er voldoende tijd en middelen beschikbaar zouden zijn: “Dat is niet alleen een verrijking voor ‘ons’, maar voor het hele Nederlandse onderwijs.”

Niet alleen de vis
Dat het in het Nederlandse onderwijs ontbreekt aan tijd en middelen is niets nieuws. We ‘watertrappelen’ en volgens het veelbesproken McKinsey-rapport (2010) kunnen we alleen slagen maken door meer tijd vrij te maken voor de professionele ontwikkeling van de docent. Een voorbeeld daarvan is de 20%-regeling van Google. Daar mogen werknemers een vijfde van hun tijd besteden aan eigen projecten, om zo de professionele ontwikkeling te bevorderen. Een dergelijke aanpak verhoogt niet alleen de productiviteit binnen een organisatie, maar zou ook de hiërarchische positie van de docent binnen het onderwijs kunnen doorbreken. Van uitvoerder naar meedenker en ontwikkelaar. Docenten zouden die tijd kunnen gebruiken om in te spelen op onderwijsproblemen of specifieke leerbehoeften. Maar ook om contact met andere docenten te onderhouden en best practices te delen. Volgens Woodall is dat laatste essentieel om de opkomende beweging van teacherpreneurs een blijvende plek in het Nederlandse onderwijs te geven: “Dat we als teacherpreneurs niet alleen de vis geven, maar ook de hengels waarmee andere docenten kunnen leren vissen. Ik hoop dat het ondernemende karakter van teacherpreneurs op die manier een onderdeel wordt van een nieuwe basishouding in het onderwijs.”

Wil je meer te weten komen over de ervaringen van Eugenie Zwanenburg, Ragna Woodall en andere Nederlandse teacherpreneurs? Ga dan naar onze website www.van12tot18.nl. Daar publiceren we deze maand een serie blogs over de Nederlandse teacherpreneur in het voortgezet onderwijs (assessoren: u kunt de blogs hier downloaden in één document).

[KADER]
Teacherpreneurs: innovative teachers who lead, but don’t leave
Dit boek vertelt het verhaal van acht Amerikaanse teacherpreneurs die zich, ieder op geheel eigen wijze, inzetten voor beter onderwijs. Daarbij worden niet alleen de succesverhalen gedeeld. Ook de beren op de weg komen aan bod en misschien nog wel belangrijker: hoe die zijn te trotseren zijn. Daarnaast is Teacherpreneurs: innovative teachers who lead, but don’t leave een handboek voor docenten die meer willen gaan doen met hun expertise van de dagelijkse lespraktijk. Het boek staat vol ideeën, waar je als beginnende teacherpreneur direct meteen mee aan de slag kunt gaan. Ook bieden de auteurs per hoofdstuk een aantal opdrachten, waarmee je jouw toekomst als teacherpreneur verder kunt vormgeven: van ideeontwikkeling tot implementatie en het succesvol delen van projecten en waardevolle ideeën.

Barnett Berry, Ann Byrd & Alan Wieder (Jossey-Bass, 2013)
ISBN 9781118456194, €24,99
verkrijgbaar bij Bol.com
[EINDE KADER]

[STREAMERS]

‘Teacherpreneurs dragen een creatieve en innovatieve bottom-up aanpak uit’

‘Voor alles ben en blijf ik docent’

‘Het teacherpreneurschap draait om het cultiveren van een innovatieve onderwijscultuur’