Het zal geen verrassing zijn dat ik mijn assessmentportfolio met zorg heb samengesteld. Het bevat zowel recent geschreven en gepubliceerde artikelen als verhalen die ik eerder schreef voor de minor Creatief Schrijven. Laatstgenoemde artikelen vallen dan ook onder de noemer ‘extra bewijs’. In deze blog ga ik kort in op mijn persoonlijke motivatie om mijn assessmentportfolio op deze manier samen te stellen.

Vorig jaar ben ik aan het einde van de zomer voor mezelf begonnen. Dat was ik al van plan, maar toch wachtte ik er om verschillende nietszeggende redenen mee. Druk met mijn werk, afstuderen, er kwam ook nog een verhuizing tussendoor… Dat eigen bedrijfje kwam later wel. Tot de twijfel met betrekking tot de plannen voor mijn afstudeerportfolio toesloeg, en ik tot de conclusie kwam dat ik gewoon voor mezelf moest beginnen. En wel meteen. Want: Waarom artikelen schrijven voor fictieve opdrachtgevers, als ik ook daadwerkelijk opdrachtgevers zou kunnen gaan zoeken? Dat ben ik dus gaan doen.

En met succes. Vanaf het vierde kwartaal van 2014 ben ik, naast het mijn werk en het schrijven van mijn onderzoeksverslag, voortdurend in de weer geweest voor verschillende opdrachtgevers. Op het gebied van onderwijs zijn dat ‘Onderwijs van Morgen’ (waar ik al jaren voor werk, maar nu als zelfstandige), ‘Van 12 tot 18’ en ‘Toets!’. Ook schrijf ik voor ‘FRITS’, de stadsglossy van het Eindhovens Dagblad. De artikelen in mijn portfolio heb ik de afgelopen tijd dan ook allemaal geschreven voor publicatie in één van bovenstaande titels.

Heldere weergave
Ik heb er bewust voor gekozen om deze publicaties op te nemen in mijn portfolio, omdat het een weergave is van mijn huidige functioneren als zelfstandige in de journalistiek. Dit is het niveau waarop ik, als starter in het journalistieke werkveld, presteer. En dus ook het niveau waarop ik afstudeer.

Genoeg verscheidenheid?
Althans, voor een groot deel. Als je het portfolio als geheel bekijkt, dan valt namelijk meteen op dat de nadruk ligt op onderwijsjournalistiek. Ik heb lang getwijfeld of dat wel zo’n goed idee was. Ik werk als onderwijsjournalist en dat gaat me, zowel vakinhoudelijk als financieel gezien, erg goed af. Maar laat ik daarmee wel genoeg verscheidenheid zien in mijn portfolio? Ik bedoel: Ik moet toch aantonen dat ik voor verschillende titels en doelgroepen kan schrijven?

Allround journalist
Aan de andere kant: In het huidige journalistieke klimaat is een specialisatie in een bepaalde richting een groot voordeel. Je hebt daarmee een streepje voor. Met mijn ervaring in en focus op de onderwijsjournalistiek onderscheid ik me van diegenen die zich niet verdiepen in specifieke thema’s. Ik heb dat, eigenlijk een beetje bij toeval, de afgelopen jaren wél gedaan en daar pluk ik nu de vruchten van. Daarnaast wil die specialisatie niet zeggen dat ik me alleen op het onderwijs focus. Integendeel zelfs. Sinds eind vorig jaar werk ik ook als freelancer voor FRITS. Het artikel ‘Van top tot teen in het zo goed als nieuw’, over Kledingbank Eindhoven, is mijn eerste publicatie voor die titel. Dat verhaal laat, in combinatie met de twee artikelen die ik als ‘extra bewijs’ heb toegevoegd, naar mijn mening goed zien dat ik een allround journalist ben. Daarmee heb ik, in ieder geval voor mezelf, dat probleem ook weer opgelost.